maandag 16 december 2013

God met ons!

Ik heb het goed, heel goed. Ik heb het materieel beter dan mensen die niet weten wat ze vandaag moeten eten. Ik heb het goed omdat ik naar de dokter kan en daarmee in onze ogen met eenvoudige middelen het leven verbeterd kan worden, in plaats van geen dokter, geen medicijnen en dicht bij de dood te moeten leven. Ook al kan ik geen bord ophangen, "maar ik en mijn huis wij zullen de Heere dienen". Ik kan de bijbel in mijn boekenkast zetten, ik kan hem lezen en ik kan Hem dienen.


Toch kan ik het allemaal heel goed weten, maar de dankbaarheid is niet altijd in mijn hart te voelen. Niet dat ik nu zo heel ondankbaar ben, maar ik ken momenten dat ik onrustig ben. De vrede in mijn hart niet overheerst. 

Dan is dankbaarheid een wereld van verschil met innerlijke vrede.

Bijvoorbeeld wanneer ik zelf niet goed in mijn vel zit, en God verder weg lijkt dan een tijd geleden. Ik wil het wel, maar weet dan niet meer goed hoe. Ik hoor Hem niet, en ik ga jachtiger leven,  gebedje hier, beetje naastenliefde daar, preek luisteren. Het raakt me niet en dan, heb ik het grootste gevaar ontdekt, dan verslap ik. Ik twijfel niet aan Gods liefde voor mij, en wie Hij is, maar ik twijfel aan mezelf.
De afstand wordt groter en om terug te keren denk ik dat ik die weg terug moet gaan om Hem weer te vinden. Ik moet ervoor werken om het weer goed te zien maken, en ik loop nog iets harder voor de ander, terwijl mijn hart er niet zo in meegaat. "Zalig worden door goede werken". 

Het zijn de kleine dingen die me weer terug brengen. Zegeningen tellen zonder dat directe blije gevoel: dat dak boven mijn hoofd, die bijbel in de kast. Een tekst die nazingt in mijn hart, zonder dat ik hem nog na zou kunnen zeggen. Het gevoel bij dat gebed, het is ook voor mij. De letterlijke en figuurlijke zonnestralen. Ze stapelen langzaam weer op en dan opeens zie ik dat Hij zichzelf niet verplaatst heeft, dat ik de weg niet terug hoef te lopen om weer bij Hem te zijn. 
Het kan nu! 
Het kan nu omdat Hij niet verandert, Hij is dezelfde. Geen ingewikkelde formules of een doolhof om Hem weer te kunnen vinden. 
Het is zo'n wonder, elke keer weer opnieuw om Zijn liefde te ervaren...


Immanuël, God met ons!





donderdag 28 november 2013

Hij was er toen ook al bij!

Ben je ook weleens verbaasd of verwonderd als je terugkijkt op je leven zonder Hem dat je zo duidelijk Zijn leiding ziet? Opeens... achteraf terwijl je er toen niet mee bezig was?


Ik heb in mijn leven meer jaren zonder God geleefd dan jaren met Hem. Ik groeide wel op met het geloof hoor. Geloof ja... en wat dat inhield is de veel gehoorde kritiek, "de religie", de regels. Mijn jeugd bestond uit regels, strenge regels waardoor ik binnen de paden moest blijven van "het geloof". 

Dat het om Jezus ging? Dat God alleen de eer moest krijgen? Dat echt geloven ook leven voor Hem is? Dat geloven een relatie hebben met Hem is? Dat geloven zo een krachtbron is? En ik kan nog wel even doorgaan met al die vragen, waar ik ook een ontkennend antwoord op kan geven. Zo ontzettend arm, zo ontzettend leeg, zo een gemis.

Onbekeerd met de bijbel op schoot...

En waarom ik er over schrijf is niet omdat ik wil schoppen tegen mijn verleden, tegen regels op zich. Alleen het is niet de basis van het geloof! Het onderwerp ligt zo dicht aan mijn hart. Het raakt me zo als ik mensen "leeg" zie leven en oordelen over andere mensen die niet bekeerd kunnen worden of zijn. Niet bekeerd, niet wedergeboren omdat ze zich niet genoeg aan de regels houden, of niet voldoen aan de regels die men opgesteld heeft om bekeerd te kunnen zijn. 
Er is vergeten dat Jezus naar de aarde kwam voor onze zonden.

Slechts weinigen kunnen bekeerd worden, het was een kader in mijn hoofd geworden waardoor ik niet bekeerd kon worden. Hoe ik ook leefde en wat ik ook deed, onbereikbaar. Een gesloten deur, zelfs later op volwassen leeftijd, met eigen keuze's kon ik verwonderd zijn om de verandering van anderen maar voor mij was het niet mogelijk. Het stond gewoon vast, en was zo duivels sterk, een blokkade om Hem echt te gaan zoeken. Voor iedereen, maar niet voor mij.

Bekering bij mensen was moeilijker dan bij God.

"De dingen die onmogelijk zijn bij de mensen, zijn mogelijk bij God" (Lukas 18:27)

En toch Hij hield me vast, ik maakte niet de foute keuze's op momenten dat ik ze (ge)makkelijk had kunnen maken. Hij leidde mij al die jaren en raakte mij aan, ik raakte meer en meer overtuigd dat Jezus leefde en ook voor mij gestorven was omdat Hij kwam voor de zonden van de hele wereld, geen uitzonderingen!



En Ik zeg u: Bid, en u zal gegeven worden; zoek, en u zult vinden; klop, en er zal voor u opengedaan worden. (Lukas 11:7)






-wordt vervolgd-




donderdag 14 november 2013

Hoe overtuig je?

Er is verschil tussen onverschillig en kritisch. Ergens denk ik dat een onverschillige houding verder weg staat dan een kritische houding. Maar ik weet niet wat makkelijker is in het omgaan met anderen die niet geloven.
Ik denk dat de onverschillige ongelovige te vergelijken is met het zaad wat op de rotssteen valt. De kritische ongelovige met het zaad wat verstikt wordt. Maar bij beiden valt het niet in goede aarde.


Dat voel je...
En wat doe je ermee?

Bij mijn kritische gesprekspartner heb ik de neiging te gaan debatteren, overtuigen en getuigen, fanatiek op te veren omdat ik de kans "voel" iemand een zetje tot het geloof te geven. 
Bij mijn onverschillige gesprekspartner ben ik sneller geneigd mezelf gekwetst te voelen, omdat "alles" afketst. En er geen gesprek mogelijk is.

Laatst was ik als toehoorder aanwezig bij een gesprek van de criticus en een enthousiast herboren christen. Ik herkende het opveren, hij greep de kans met beide handen om te getuigen van zijn Heer! Ik voelde mee met hem en was blij om zijn vrijmoedigheid. Maar hoe meer het gesprek vorderde hoe meer een  buikpijn gevoel ik kreeg. De zogenaamde belangstelling van de criticus maakte plaats voor het onbeschaamd afvuren van kritische vragen. Er werd niet geluisterd en er was geen openheid, maar er werd geprobeerd iemand klem te zetten. Het vooroordeel wat er was moest bevestiging krijgen. Het was een jammerlijk gesprek, de boodschap kwam niet over.
Mijn medebroeder had daarentegen niets door en ging door met beantwoorden van alle vragen, het enthousiasme was niet kapot te krijgen, ook al mocht hij niet eens uitpraten. 

Toen ik afgelopen week een gesprek had met een criticus kwam dit gesprek in mijn gedachten. In plaats van op te veren, heb ik naar achteren geleund. En zelf vragen terug gesteld, geprobeerd mijn gesprekspartner te begrijpen in plaats van mijn geloof in God te verdedigen alsof ik God moet verdedigen?!

Ik kan niemand bekeren.
(Soms) moet ik veel meer aan God zelf overlaten en bidden voor die goede aarde. Hij is machtig, groot en goed. Van Hem verwachten!

Niet door onze kracht of geweld, maar door Zijn Geest!

donderdag 24 oktober 2013

Op een dag wist Hij alle tranen...


Soms is er verdriet en kan je je toch gedragen weten. Op dit moment is dat mijn beleving. Het gaat mij (nu) te ver om veel meer te schrijven, maar we kennen allemaal momenten van moeite of pijn.Onderstaand lied vertolkt mijn gevoel, niets kan mij scheiden van Jezus mijn Heer. Dank U Heer dat U er voor mij bent, dat ik U ken en ik bij U veilig ben.







IK ZAL ER ZIJN
Hoe wonderlijk mooi is uw eeuwige Naam.
Verborgen aanwezig deelt U mijn bestaan.
Waar ik ben, bent U: wat een kostbaar geheim.
Uw naam is ‘Ik ben’ en ‘Ik zal er zijn’.

Een boog in de wolken als teken van trouw,
staat boven mijn leven, zegt: Ik ben bij jou!
In tijden van vreugde, maar ook van verdriet,
ben ik bij U veilig, U die mij ziet.

De toekomst is zeker, ja eindeloos goed.
Als ik eens moet sterven, als ik U ontmoet:
dan droogt U mijn tranen, U noemt zelfs mijn naam.
U blijft bij mij Jezus, laat mij niet gaan.

‘Ik ben die Ik ben’ is uw eeuwige naam.
Onnoembaar aanwezig deelt U mijn bestaan.
Hoe adembenemend, ontroerend dichtbij:
uw naam is ‘Ik ben’, en ‘Ik zal er zijn’.

O Naam aller namen, aan U alle eer.
Niets kan mij ooit scheiden van Jezus mijn Heer:
Geen dood en geen leven, geen moeite of pijn.

Ik zal eeuwig zingen, dicht bij U zijn.

dinsdag 15 oktober 2013

Onkruid!

Ik huil en ben in paniek, verlies komt en ik kan het niet tegenhouden. Het glipt tussen mijn vingers door, het is frustrerend... zolang ik het nog probeer tegen te houden. Ik ben machteloos. Mijn hoofd kan het bijna niet dragen, en dan besef ik dat ik het moet accepteren...Er komt berusting, fase van verwerking, overgave naar God, ik voel me kwetsbaar en klein. 


In die fase ontmoette ik een "olifant", ze stampte rond in mijn domein. Ze trad het met beide voeten, en ik kon er niet boven staan, niet op dat moment...


Inwendig verwijt ik en zoek een manier om het te uiten, betaald te zetten, te laten voelen wat het met me deed. Waarom? Omdat ik me gekwetst en niet gezien voelde...


Het is een nare angel, waarvan ik weet dat ik moet vergeven, dat ik niet in boosheid verder moet leven...

Dat ik mijn boosheid niet moet voeden, omdat het groter wordt. 
In mij en om mij heen. 

Boosheid is onkruid, het woekert verder en verdrukt de mooiste planten. 

Het plantje wat voorzichtig en aarzelend groeide, de plant die al in bloei stond. 
Onkruid is sterk en kwaadaardig.

Welke plant geef je voeding?

En welke plant laat je voeden?  

Het leven in dankbaarheid met God geeft de mooiste bloemen. Die bloemen moeten groeien, hebben ruimte nodig. Ze zijn teer dus vanzelfsprekend hebben zij meer zorg en voeding nodig dan het onkruid. 

Met onkruid gaat het bijna vanzelf, het zoekt zijn weg wel naar alle kanten. En het heeft een harde aanpak nodig om het te verwijderen, omdat het niet vanzelf doodgaat. 




Zo zie ik het leven, wandelen zonder en wandelen met God. En gelukkig hebben wij een keuze, ik weet het en besluit de boosheid los te laten... en... ik hoef het helemaal niet alleen te doen! Hij is voor mij en naast mij en om mij heen... Heer U bent altijd bij mij!


Het lucht op en het geeft ruimte om weer adem te halen... 



Ik was bijna vergeten hoe het begon, wat er aan vooraf ging...


maandag 7 oktober 2013

Woorden uit de kindermond

Ze zijn vaak zo puur en oprecht, hun geloof zo vol vertrouwen. Zo eenvoudig en overtuigd dat ze kind van Jezus zijn. Ik ben gezegend met kinderen, en ze houden me zo vaak een spiegel voor. Daar waar ik wel eens twijfel, is het bij hen goed. Ik geniet ervan, ik leer ervan, worden als een kind denk ik dan. Blindelings vertrouwen op de Leidsman. Hij is er, wat Hij doet is goed.


Toen ik een keer vertelde tegen een gelovige dat ik alleen in het geloof stond, wees hij me op mijn kinderen. Hij noemde voorbeelden van volwassenen die tot geloof waren gekomen waarbij kinderen een middel waren.

Ik dacht er laatst weer aan toen ik over Augustinus (kerkvader) hoorde.
Tijdens een geestelijke crisis praatte Augustinus wanhopig tot God. Hij werd vastgehouden door oude zonden. In zijn wanhoop vroeg hij, hoe lang nog, waarom komt er geen einde aan. Terwijl hij huilde hoorde hij opeens uit een naburig huis kinderstemmen zingen, een kinderstem die steeds herhaalde: “Tolle lege, tolle lege.” (“Neem en lees!”)
De enige verklaring die Augustinus kon bedenken was dat hij van God bevel kreeg om de bijbel te openen en de eerste passage te lezen waar zijn oog op viel. De woorden van Romeinen 13: 13-14 troffen hem: Laten wij, als op klaarlichte dag, op een gepaste wijze wandelen, niet in zwelgpartijen, niet in dronkenschappen, niet in slaapkamers en losbandigheden, niet in ruzie en afgunst. Maar bekleed u met de Heere Jezus Christus, en verzorg het vlees niet om begeerten op te wekken.
Verder lezen wilde Augustinus niet en het was ook niet nodig. Want meteen, bij het eind van de zin, stroomde er als een licht zekerheid zijn hart binnen en vluchtte al de duisternis van zijn twijfelen heen.

Een mooi voorbeeld waarin kinderen een rol spelen.

Een mooi voorbeeld om de kinderen alles mee te geven over Jezus.
Laat ze zingen over Jezus. Hun gebedjes hardop uitspreken. De tekeningen ophangen. De kromste zinnen uitspreken. Hun kinderlijk geloof leven!



Ze laten zien, wat Jezus ons zelf vertelde: Laat de kleine kinderen tot Mij komen en verhinder hen niet, want voor zulke mensen is het Koninkrijk van God. (Luk 18: 16)

Jezus zei: Ja. Hebt u nooit gelezen:
Uit de mond van jonge kinderen en van zuigelingen hebt U voor Uzelf lof tot stand gebracht?
(Matt 21:16/ Ps 8:3)

Ik bid dat ze tot zegen zullen zijn!


zaterdag 28 september 2013

Zegen of kruis?


Hoe tevreden ben je met je plekje in dit leven? Hoe dankbaar ben je met de plaats die je inneemt?
Met de talenten en gaven die je hebt gekregen? Het gezin waar je deel van uitmaakt? De gemeente waarvan jij lid bent. Of spannender, de strijd waarmee jij te maken hebt in je leven?


Ik bedacht of ik dit blogje Tel je zegeningen IV zou moeten noemen, zo voelt het voor mij wel, maar het dekt niet helemaal de lading die ik wilde vertellen.

Afgelopen week was voor mij een week van tevredenheid, berusting, vrede, geloof, hoop en liefde…
Waarom? Ik zag mijn kruis als zegen.

Omdat Hij overal een bedoeling mee heeft.
Omdat Hij mensen gebruikt.
Omdat Hij vertrouwen vraagt maar tegelijkertijd zorg draagt voor mij.

Het is toch bijzonder dat ik op deze plaats leef in mijn gezin, en niet die ander waar ik weleens jaloers op ben door het vaste Godsvertrouwen, de energie of een sprekersgave. Dat ik die eerst helemaal niet op zoek was naar Hem, ook een plek in Zijn koninkrijk mag hebben. Dat ik met mijn zwakheden en dagelijks falen door Zijn kracht mag leven. 
Het is een voorrecht door Hem te mogen leven. Hij strekt Zijn hand naar mij uit, Zijn doel met mij is nog niet voorbij, ik heb een taak! 
Ik heb geen inzicht in Zijn plan, maar wel vertrouwen omdat Hij onmetelijk is!
Hij heeft een doel met jou en mij, met mijn talenten en gaven, met mijn falen en struikelen. Hij weet toch alle dingen, Hij voorzag deze plaats voor mij. 

Op deze plaats mag ik voor Hem leven, zending begint thuis, voor man en kinderen.
Godsgenade...

Dank U voor Uw inzicht, de geschonken krachten die U vermeerdert. 
Ik zal mijn best doen... gebruik mij als de klei van een pottenbakker...