donderdag 14 november 2013

Hoe overtuig je?

Er is verschil tussen onverschillig en kritisch. Ergens denk ik dat een onverschillige houding verder weg staat dan een kritische houding. Maar ik weet niet wat makkelijker is in het omgaan met anderen die niet geloven.
Ik denk dat de onverschillige ongelovige te vergelijken is met het zaad wat op de rotssteen valt. De kritische ongelovige met het zaad wat verstikt wordt. Maar bij beiden valt het niet in goede aarde.


Dat voel je...
En wat doe je ermee?

Bij mijn kritische gesprekspartner heb ik de neiging te gaan debatteren, overtuigen en getuigen, fanatiek op te veren omdat ik de kans "voel" iemand een zetje tot het geloof te geven. 
Bij mijn onverschillige gesprekspartner ben ik sneller geneigd mezelf gekwetst te voelen, omdat "alles" afketst. En er geen gesprek mogelijk is.

Laatst was ik als toehoorder aanwezig bij een gesprek van de criticus en een enthousiast herboren christen. Ik herkende het opveren, hij greep de kans met beide handen om te getuigen van zijn Heer! Ik voelde mee met hem en was blij om zijn vrijmoedigheid. Maar hoe meer het gesprek vorderde hoe meer een  buikpijn gevoel ik kreeg. De zogenaamde belangstelling van de criticus maakte plaats voor het onbeschaamd afvuren van kritische vragen. Er werd niet geluisterd en er was geen openheid, maar er werd geprobeerd iemand klem te zetten. Het vooroordeel wat er was moest bevestiging krijgen. Het was een jammerlijk gesprek, de boodschap kwam niet over.
Mijn medebroeder had daarentegen niets door en ging door met beantwoorden van alle vragen, het enthousiasme was niet kapot te krijgen, ook al mocht hij niet eens uitpraten. 

Toen ik afgelopen week een gesprek had met een criticus kwam dit gesprek in mijn gedachten. In plaats van op te veren, heb ik naar achteren geleund. En zelf vragen terug gesteld, geprobeerd mijn gesprekspartner te begrijpen in plaats van mijn geloof in God te verdedigen alsof ik God moet verdedigen?!

Ik kan niemand bekeren.
(Soms) moet ik veel meer aan God zelf overlaten en bidden voor die goede aarde. Hij is machtig, groot en goed. Van Hem verwachten!

Niet door onze kracht of geweld, maar door Zijn Geest!

donderdag 24 oktober 2013

Op een dag wist Hij alle tranen...


Soms is er verdriet en kan je je toch gedragen weten. Op dit moment is dat mijn beleving. Het gaat mij (nu) te ver om veel meer te schrijven, maar we kennen allemaal momenten van moeite of pijn.Onderstaand lied vertolkt mijn gevoel, niets kan mij scheiden van Jezus mijn Heer. Dank U Heer dat U er voor mij bent, dat ik U ken en ik bij U veilig ben.







IK ZAL ER ZIJN
Hoe wonderlijk mooi is uw eeuwige Naam.
Verborgen aanwezig deelt U mijn bestaan.
Waar ik ben, bent U: wat een kostbaar geheim.
Uw naam is ‘Ik ben’ en ‘Ik zal er zijn’.

Een boog in de wolken als teken van trouw,
staat boven mijn leven, zegt: Ik ben bij jou!
In tijden van vreugde, maar ook van verdriet,
ben ik bij U veilig, U die mij ziet.

De toekomst is zeker, ja eindeloos goed.
Als ik eens moet sterven, als ik U ontmoet:
dan droogt U mijn tranen, U noemt zelfs mijn naam.
U blijft bij mij Jezus, laat mij niet gaan.

‘Ik ben die Ik ben’ is uw eeuwige naam.
Onnoembaar aanwezig deelt U mijn bestaan.
Hoe adembenemend, ontroerend dichtbij:
uw naam is ‘Ik ben’, en ‘Ik zal er zijn’.

O Naam aller namen, aan U alle eer.
Niets kan mij ooit scheiden van Jezus mijn Heer:
Geen dood en geen leven, geen moeite of pijn.

Ik zal eeuwig zingen, dicht bij U zijn.

dinsdag 15 oktober 2013

Onkruid!

Ik huil en ben in paniek, verlies komt en ik kan het niet tegenhouden. Het glipt tussen mijn vingers door, het is frustrerend... zolang ik het nog probeer tegen te houden. Ik ben machteloos. Mijn hoofd kan het bijna niet dragen, en dan besef ik dat ik het moet accepteren...Er komt berusting, fase van verwerking, overgave naar God, ik voel me kwetsbaar en klein. 


In die fase ontmoette ik een "olifant", ze stampte rond in mijn domein. Ze trad het met beide voeten, en ik kon er niet boven staan, niet op dat moment...


Inwendig verwijt ik en zoek een manier om het te uiten, betaald te zetten, te laten voelen wat het met me deed. Waarom? Omdat ik me gekwetst en niet gezien voelde...


Het is een nare angel, waarvan ik weet dat ik moet vergeven, dat ik niet in boosheid verder moet leven...

Dat ik mijn boosheid niet moet voeden, omdat het groter wordt. 
In mij en om mij heen. 

Boosheid is onkruid, het woekert verder en verdrukt de mooiste planten. 

Het plantje wat voorzichtig en aarzelend groeide, de plant die al in bloei stond. 
Onkruid is sterk en kwaadaardig.

Welke plant geef je voeding?

En welke plant laat je voeden?  

Het leven in dankbaarheid met God geeft de mooiste bloemen. Die bloemen moeten groeien, hebben ruimte nodig. Ze zijn teer dus vanzelfsprekend hebben zij meer zorg en voeding nodig dan het onkruid. 

Met onkruid gaat het bijna vanzelf, het zoekt zijn weg wel naar alle kanten. En het heeft een harde aanpak nodig om het te verwijderen, omdat het niet vanzelf doodgaat. 




Zo zie ik het leven, wandelen zonder en wandelen met God. En gelukkig hebben wij een keuze, ik weet het en besluit de boosheid los te laten... en... ik hoef het helemaal niet alleen te doen! Hij is voor mij en naast mij en om mij heen... Heer U bent altijd bij mij!


Het lucht op en het geeft ruimte om weer adem te halen... 



Ik was bijna vergeten hoe het begon, wat er aan vooraf ging...


maandag 7 oktober 2013

Woorden uit de kindermond

Ze zijn vaak zo puur en oprecht, hun geloof zo vol vertrouwen. Zo eenvoudig en overtuigd dat ze kind van Jezus zijn. Ik ben gezegend met kinderen, en ze houden me zo vaak een spiegel voor. Daar waar ik wel eens twijfel, is het bij hen goed. Ik geniet ervan, ik leer ervan, worden als een kind denk ik dan. Blindelings vertrouwen op de Leidsman. Hij is er, wat Hij doet is goed.


Toen ik een keer vertelde tegen een gelovige dat ik alleen in het geloof stond, wees hij me op mijn kinderen. Hij noemde voorbeelden van volwassenen die tot geloof waren gekomen waarbij kinderen een middel waren.

Ik dacht er laatst weer aan toen ik over Augustinus (kerkvader) hoorde.
Tijdens een geestelijke crisis praatte Augustinus wanhopig tot God. Hij werd vastgehouden door oude zonden. In zijn wanhoop vroeg hij, hoe lang nog, waarom komt er geen einde aan. Terwijl hij huilde hoorde hij opeens uit een naburig huis kinderstemmen zingen, een kinderstem die steeds herhaalde: “Tolle lege, tolle lege.” (“Neem en lees!”)
De enige verklaring die Augustinus kon bedenken was dat hij van God bevel kreeg om de bijbel te openen en de eerste passage te lezen waar zijn oog op viel. De woorden van Romeinen 13: 13-14 troffen hem: Laten wij, als op klaarlichte dag, op een gepaste wijze wandelen, niet in zwelgpartijen, niet in dronkenschappen, niet in slaapkamers en losbandigheden, niet in ruzie en afgunst. Maar bekleed u met de Heere Jezus Christus, en verzorg het vlees niet om begeerten op te wekken.
Verder lezen wilde Augustinus niet en het was ook niet nodig. Want meteen, bij het eind van de zin, stroomde er als een licht zekerheid zijn hart binnen en vluchtte al de duisternis van zijn twijfelen heen.

Een mooi voorbeeld waarin kinderen een rol spelen.

Een mooi voorbeeld om de kinderen alles mee te geven over Jezus.
Laat ze zingen over Jezus. Hun gebedjes hardop uitspreken. De tekeningen ophangen. De kromste zinnen uitspreken. Hun kinderlijk geloof leven!



Ze laten zien, wat Jezus ons zelf vertelde: Laat de kleine kinderen tot Mij komen en verhinder hen niet, want voor zulke mensen is het Koninkrijk van God. (Luk 18: 16)

Jezus zei: Ja. Hebt u nooit gelezen:
Uit de mond van jonge kinderen en van zuigelingen hebt U voor Uzelf lof tot stand gebracht?
(Matt 21:16/ Ps 8:3)

Ik bid dat ze tot zegen zullen zijn!


zaterdag 28 september 2013

Zegen of kruis?


Hoe tevreden ben je met je plekje in dit leven? Hoe dankbaar ben je met de plaats die je inneemt?
Met de talenten en gaven die je hebt gekregen? Het gezin waar je deel van uitmaakt? De gemeente waarvan jij lid bent. Of spannender, de strijd waarmee jij te maken hebt in je leven?


Ik bedacht of ik dit blogje Tel je zegeningen IV zou moeten noemen, zo voelt het voor mij wel, maar het dekt niet helemaal de lading die ik wilde vertellen.

Afgelopen week was voor mij een week van tevredenheid, berusting, vrede, geloof, hoop en liefde…
Waarom? Ik zag mijn kruis als zegen.

Omdat Hij overal een bedoeling mee heeft.
Omdat Hij mensen gebruikt.
Omdat Hij vertrouwen vraagt maar tegelijkertijd zorg draagt voor mij.

Het is toch bijzonder dat ik op deze plaats leef in mijn gezin, en niet die ander waar ik weleens jaloers op ben door het vaste Godsvertrouwen, de energie of een sprekersgave. Dat ik die eerst helemaal niet op zoek was naar Hem, ook een plek in Zijn koninkrijk mag hebben. Dat ik met mijn zwakheden en dagelijks falen door Zijn kracht mag leven. 
Het is een voorrecht door Hem te mogen leven. Hij strekt Zijn hand naar mij uit, Zijn doel met mij is nog niet voorbij, ik heb een taak! 
Ik heb geen inzicht in Zijn plan, maar wel vertrouwen omdat Hij onmetelijk is!
Hij heeft een doel met jou en mij, met mijn talenten en gaven, met mijn falen en struikelen. Hij weet toch alle dingen, Hij voorzag deze plaats voor mij. 

Op deze plaats mag ik voor Hem leven, zending begint thuis, voor man en kinderen.
Godsgenade...

Dank U voor Uw inzicht, de geschonken krachten die U vermeerdert. 
Ik zal mijn best doen... gebruik mij als de klei van een pottenbakker...





maandag 16 september 2013

In de binnenkamer...

De laatste tijd worstel ik met bidden in groepsverband. Ik merkte op dat ik bidstonden, kringgebed vooral opzocht om de belofte: Waar twee of drie in mijn naam bijeen zijn zal Ik zijn. En ook, als twee “eenstemmig” verlangen, het zal hun ten deel vallen. (Matt 18)


Nu was er eerst de twijfel of de ander dan ook wel hetzelfde verlangen had, maar inmiddels heb ik wel geleerd dat gebedsverhoring anders gaat dan mijn denken en wensen. Ook Zijn tijd is vooral heel anders dan mijn tijd.

Ik blijf wat moeite houden met openbaar bidden en dan eerlijk aan mijn Vader vertellen wat mijn verlangens zijn, voor deze blog, t.o.v. mijn echtgenoot. Ik wil niet al mijn frustraties, teleurstellingen eruit gooien waar de ander bij meeluistert. Begrijp me goed, het is niet dat ik de situatie mooier wil schetsen dan die is. Ook niet vanwege het goedbedoelde meeleven of dat ik de ander niet vertrouw, maar het voelt respectloos alles eruit te “gooien”.
Alsof ik mijn man zwart maak, terwijl ik hem juist wil respecteren in de dingen die wel goed zijn, hem wil liefhebben.
Het “alleen” uiten, naar anderen om me heen, van frustraties en teleurstellingen zorgt er ook sneller voor dat ik daarin blijf hangen (en anderen soms met mij). Ik word verdrietig, en kan dan minder met vreugde voor mijn Schepper leven. 




Ik las een mooi antwoord op mijn worsteling en wil deze graag delen met jullie,

...wanneer u bidt,  ga in uw binnenkamer, sluit uw deur en bid tot uw Vader, Die in het verborgene is; en uw Vader, Die in het verborgene ziet, zal het u in het openbaar vergelden. 

Uw Vader weet wat u nodig hebt, voordat u tot Hem bidt!

(Matt 6)


woensdag 11 september 2013

Zoals ook wij vergeven

Elke dag bid ik het onze Vader. Meestal aan tafel. Sinds ik een preek hoorde over vergeving is het niet meer vanzelfsprekend te bidden.
Er is veel onrecht, en als ik in mijn recht sta, dan zijn er mensen die mij benadeeld hebben. Niet naar me omgezien hebben, of me benadeeld hebben. Er zijn genoeg voorbeelden te bedenken. 



Nu kan ik gelukkig niet heel lang boos blijven, de sfeer is onaangenaam... dus wil ik het snel oplossen, maar het liefste zou ik toch zien dat een ander mij toegeeft fout te zijn geweest. Het laat mij in mijn recht...

Zeker naar mijn man toe is het een proces waarin vergeven nog duidelijker voor mij naar voren komt...
In zekere zin dacht ik dat ik meer recht had dan mijn man, waarom? Omdat hij niet gelooft en ik wel. Het is erg hoogmoedig misschien, maar het is de gedachte die door mijn hoofd speelde bij ruzie en meningsverschillen. Ik krijg toch direct onderwijs, probeer er naar te leven en hij wijst het af...

En toch als je de woorden door laat dringen, staat er zo duidelijk "En vergeef ons onze schulden, zoals ook wij onze schuldenaren vergeven." Zoals ook wij! 


"Want als u de mensen hun overtredingen vergeeft, zal uw hemelse Vader u ook vergeven." 
(Matt 6)
www.cip.nl


Het is niet makkelijk, voor mij niet. Het is soms een directe worsteling in gebed. 
Ik legde Hem een keer voor: hij is toch fout, ik wil niet vergeven, hij moet nu een keer naar mij toekomen. Ik weet niet meer eens waarover de ruzie ging, maar in het gebed liet Hij me zien dat Hij al mijn schuld op zich genomen had aan het kruis. Heeft Jezus dat dan verdiend? 

Ik mag elke keer opnieuw bij Hem komen, en Hij vergeeft...
 "Wie ben ik dan dat ik niet de bereidwilligheid heb om anderen te willen vergeven?"
Ik liep weer naar beneden, en zei sorry voor mijn aandeel, mijn boosheid en dat ik zo niet mocht reageren. En mijn man? Hij zei sorry voor zijn aandeel...
Zo eenvoudig...

Als ik het niet in gebed breng, dan blijf ik boos, dan wil ik dat de ander eerst naar mij komt. Maar breng ik het in gebed, en dan geeft Hij mij zo'n vrede en vrijheid. Elke keer opnieuw, en het mooie? Ik ga steeds sneller vergeven, waarom? 


Omdat Jezus mijn voorbeeld is!